Opslag en distributie van waterstof

Waterstofplaza

We zien een toenemende vraag naar het inzichtelijk maken van de veiligheidsrisico’s die een rol spelen bij waterstofplaza’s. Op een waterstofplaza worden verschillende functies/activiteiten gecombineerd. Bijvoorbeeld een tankstation voor waterstof gecombineerd met een winkeltje of barretje en mogelijk ook een tankstation voor andere brandstoffen/energiedragers (multi-fuel tankstation). Voor een waterstofplaza hebben wij onderzocht welke maatregelen genomen kunnen worden om het plaatsgebonden risico voor direct omliggende functies te reduceren. Hiervoor hebben wij een vlamscherm gedimensioneerd dat deze co-locators (functies) afschermt van de waterstofinstallatie om de veiligheid te verhogen. We verwachten dat het inzichtelijk maken van veiligheidsrisico’s voor multi-fuel tankstations en het ontwerpen van maatregelen om de verschillende functies veilig te combineren een belangrijke schakel wordt in de verduurzaming van het wegtransport . 


Waterstofnetwerk voor de scheepvaart

Waterstof wordt in de breedte ingezet om de energietransitie vooruit te stuwen. In het geval van scheepsvaart zelfs letterlijk voort te stuwen. Niet alleen bij gebruik voor aandrijving van grote zeeschepen, ook bij gebruik voor de aandrijving van kleinere binnenvaartschepen. Een nieuwe ontwikkeling is het inzetten van verwisselbare "waterstofcontainers" aan boord van schepen. Peutz berekent voor containerterminals de risico's voor de omgeving bij het verwisselen van dergelijke containers en adviseert maatregelen om de risico’s te reduceren .

Opslag en veiligheid op de werf

Niet alleen tijdens het werkzame leven van een schip is er brandstof nodig. Ook tijdens de productie en opleveringsfase bij de scheepswerf is er brandstof nodig, bijvoorbeeld om de motoren op te starten en proef te draaien. Bij grote schepen spreken we over aanzienlijke hoeveelheden brandstof. Dit betekent dat op scheepswerven ook voorraden van diverse brandstoffen aanwezig dienen te zijn. Deze nieuwe brandstoffen kunnen andere risico's met zich meebrengen dan de conventionele brandstoffen diesel en stookolie. Peutz staat scheepswerven bij om de risico’s op het eigen terrein en voor de directe omgeving in kaart te brengen en denkt mee over de beste indeling op het terrein om risico's te reduceren. We stellen ook gezamenlijk met de bedrijven veiligheidsbeheerssystemen op deze risicovolle activiteiten veilig te laten verlopen.


Emissiereductie in de scheepvaart

Nederland is een maritiem georiënteerd land en kent een grote maritieme sector van hoogwaardige scheepsbouw. Daarnaast is Nederland een kenniseconomie die innovatie nastreeft en zijn verantwoordelijkheden neemt op gebied van veiligheid en milieu. Dit heeft ertoe geleid dat internationaal is afgesproken dat een aantal gebieden in de wereld als Emission Control Area's (ECA's) zijn aangemerkt. Dit zijn als het ware groene zones, waarin slechts een gelimiteerde uitstoot is toegestaan. Sinds 2016 is de IMO Tier III (voluit IMO annex VI regulation 13) van kracht die beperkingen oplegt aan de uitstoot van schepen in ECA's. Sinds 2021 zijn daarbij de Noord- en de Oostzee aangewezen als ECA. Dit betekent dat alle sinds 2016 geproduceerde of gereviseerde schepen met een motorvermogen van meer dan 130 kilowatt die in die gebieden opereren moeten voldoen aan de IMO Tier III-voorschriften. Dit betekent dus nogal wat voor nieuw te bouwen schepen. Daarnaast zijn de IMO doelstellingen (July 2023) van “Net Zero” in 2050 met tussentijdse doelen van een emissie reductie van 20-30% in 2030 en 70-80% in 2040 een sterke drijver van de ontwikkelingen naar duurzame scheepsvoortstuwing. Bovendien zorgen de invoer van het Europese emissiehandel systeem (ETS) vanaf 2024 voor schepen boven 5.000 GT voor toenemende kosten van conventionele aandrijvingen en dalende kosten voor duurzame voortstuwing. Ook komen er vanaf 2025 aanvullende Europese maatregelen Fuel EU Maritime (2025) om de emissie van de scheepvaart verder te verminderen. 

Credit: Future Proof Shipping B.V.

Nederland kent gelukkig veel innovatieve scheepsbouw met het oog gericht op de toekomst. Consequentie is wel dat Nederlandse scheepsbouwers hun totale innovatiekracht in moeten zetten om scheepvaartemissies drastisch te reduceren. Om dit voor elkaar te krijgen wordt gekeken naar nieuwe brandstoffen. Er zijn nu al zeeschepen in de vaart gebracht die complementair aan stookolie LNG als brandstof kunnen gebruiken. De verwachting is dat in de toekomst zeeschepen (een mix van) waterstof, methanol en ammoniak als brandstof kunnen inzetten naast bijvoorbeeld wind voortstuwing, waarmee emissies verder gereduceerd worden.


Veilig transport

Voor alle stoffen die getransporteerd worden staat voorop dat dit zo veilig mogelijk moet gebeuren. Het transport van diesel vindt onder atmosferische druk plaats en diesel kent een relatief hoog vlampunt. Dit betekent dat de risico’s beperkt zijn. Waterstof is daarentegen een veel risicovollere stof. Het is een gas wat onder hoge druk (180-250) vloeibaar kan worden gemaakt en vaak in pakketten van cilinders wordt getransporteerd. Elke tankwagen is uitgevoerd met de veiligheidsvoorzieningen die passend zijn bij de risico’s van de betreffende brandstof. Hierbij kan onder andere gedacht worden aan hittewerende bekleding, noodventielen of veiligheidsprotocollen.

Rekenen aan waterstof risico’s

Door het treffen van diverse technische en organisatorische maatregelen worden de risico’s van bijvoorbeeld het stallen van tankwagens met waterstof teruggebracht tot een acceptabel niveau. Dit kan ook aantoonbaar worden gemaakt door aan deze risico’s te rekenen. Er worden hierbij scenario’s beschouwd waarbij de kans op optreden en het effect worden gekwantificeerd: kans x effect = risico. 

 Voorbeeld risicocontouren