Herziening norm NEN 8100

Contactinformatie

Herziening norm NEN 8100 (windhinder en windgevaar)

Op 18 juni wordt in Utrecht de herziening van de norm Windhinder en windgevaar in de gebouwde omgeving (NEN 8100) gepresenteerd. De huidige norm is ongeveer 20 jaar oud en wordt inhoudelijk vernieuwd op basis van gebruikservaring en nieuwe inzichten.

Achtergrond en organisatie

De herziening is mede tot stand gekomen op initiatief van Peutz. Binnen de nieuwe normcommissie werken twee groepen samen, een technische groep en een gebruikersgroep, bestaande uit: adviesbureaus, gemeenten, architecten, Stichting Hoogbouw en universiteiten (o.a. TU Delft, TU Eindhoven en Wageningen University & Research). Dit gemengde gezelschap is gericht samengesteld en in wisselende samenstelling betrokken bij het proces. Collega en medevoorzitter Olaf Otten speelt een centrale rol als mederapporteur van de norm en lid van de kerngroep.

In de nieuwe norm worden meer zaken gestandaardiseerd en wordt de kwaliteit verhoogd. Belangrijke wijzigingen zijn:

In de nieuwe norm worden meer zaken gestandaardiseerd en wordt de kwaliteit verhoogd. Belangrijke wijzigingen zijn:

  • Nieuwe klimaatdata: De eerder gebruikte klimaatdata en methode van het KNMI (NPR 6097) zijn verouderd en WORDEN vervangen door DATA op basis van het Harmonie weermodel. Dit levert met name in binnenstedelijk gebied tot circa 10 km van de kust hogere en realistischere waarden op (bijv. Den Haag, Haarlem).
  • Hoge gebouwen (>100 m): Bij grotere bouwhoogtes gelden extra kwaliteitseisen. Dit wordt geborgd via een second opinion door een onafhankelijke expert.
  • Seizoensonderscheid: Zomer- en wintersituatie worden apart doorgerekend. Het effect van bladverliezende begroeiing weegt daardoor minder mee in het windklimaat.
  • Nieuw criterium voor de beoordeling van (zomer)terrassen.
  • Aangepaste beoordelingsmethode: Piekwaarden en lokale hotspots worden beter zichtbaar en realistischer in beeld gebracht.

 

Daarnaast is voor gemeenten een nationale handleiding opgesteld, naar voorbeeld van de gemeente Rotterdam.

Consequenties voor de praktijk

De nieuwe aanpak betekent dat eerdere onderzoeken mogelijk herzien moeten worden, met name door de aangepaste klimaatdata en beoordelingsmethodiek. Bij complexe projecten, zoals hoogbouw boven 100 meter, wordt het nog belangrijker om zorgvuldig naar uitgangspunten en metingen te kijken. Dit versterkt de onderbouwing richting bijvoorbeeld de Raad van State.

Planning

De conceptnorm is inhoudelijk gereed en wordt nog juridisch en normtechnisch nagelopen. Daarna volgt een commentaarronde. De norm wordt naar verwachting begin 2027 vastgesteld, waarna de huidige norm vervalt en wordt vervangen. Er komt een overgangsbeleid voor de invoering van de nieuwe norm.

Meer informatie

Voor vragen of nadere toelichting kun je contact opnemen met Olaf Otten